Prehistorisch grafveld de Busjop

Jarenlang lag in het bos van de Busjop een prehistorisch grafveld verscholen. De aanleg van een open heidelandschap leidde tot de herontdekking van zes grafheuvels.

In de Busjop, gelegen in het Limburgse natuurreservaat het Leudal, ligt een prehistorisch grafveld. Dit grafveld is nationaal beschermd als Rijksmonument en één van de sterlocaties van de Erfgoedstrategie van Leudal uit 2005 waar het Busjopproject een concrete uitwerking van is. Doel van dit project was om het grafveld weer zichtbaar te maken in het landschap.

Beleefbaar grafveld

Op initiatief van Staatsbosbeheer maakte in 2010 ruim 3 ha van de bossen in de Busjop, plaats voor een open heidelandschap. Hiermee ontstond een beter zichtbaar en beleefbaar grafveld, maar ook een betere leefomgeving voor zeldzame plant- en diersoorten. De Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed verrichte voor het Busjopproject zowel veldwerk als archiefstudies.

Archiefonderzoek

In de periode 2007 tot 2012 zijn verschillende activiteiten uitgevoerd. Eind 2007 is gestart met een archiefonderzoek. Het doel hiervan was om het vondstmateriaal en de opgravingsdocumentatie te achterhalen van het onderzoek dat in 1951 op het grafveld had plaatsgevonden. Met het vondstmateriaal dat is teruggevonden, kon worden vastgesteld dat het grafveld uit de periodes 1000-900 en 700-600 voor Christus stamt.

Veldwerkcampagnes

De tweede fase vond plaats tussen 2010-2011 en bestond uit het uitvoeren van drie korte veldwerkcampagnes. Naarmate het landschap opener werd, deed de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed op gezette tijden onderzoek naar de exacte locatie van de grafheuvels. Gefaseerd is het landschap visueel geïnspecteerd en zijn er booronderzoek en gedetailleerde hoogtemetingen gedaan. Hiermee zijn zes nieuwe heuvels ontdekt, wat het totaal op zeventien grafheuvels brengt. Het onderzoek heeft uitgewezen dat het grafveld oorspronkelijk meer dan vijftig heuvels omvatte en een areaal van minimaal 3 ha besloeg.

Door wie

Dit project is tot stand gekomen door een samenwerking tussen de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed en Staatsbosbeheer.